Posts tonen met het label SOCIETY. Alle posts tonen
Posts tonen met het label SOCIETY. Alle posts tonen

donderdag 10 december 2009

Rousseau en de dualistische verhouding van individu en staat

Referentie:


Nisbet, Robert A., « Rousseau and Totalitarianism », The Journal of Politics, Vol. 5, No. 2 (May, 1943), p. 93-114

Plaatskenmerk:

Eigen bibliotheek / mijn computer

Extract:


“So long as our vision of the Bolshevist and National Socialist states is restricted to their absolutist, non-parliamentary forms of government, the significance of Rousseau is obscured. It is in his theory of society, and in his conception of the relationship between society and the state, that we may see the germs of the philosophy underlying the modern mass-state. Granted that Rousseau's ideal was pure democracy in the realm of the political order, the social consequences of his theory of the state are nonetheless as drastic as those of any modern totalitarian philosopher. It was the achievement of Rousseau to popularize the state, to make it the all-in-all, and, in the process, to atomize the traditional forms of society which fall outside the pale of the pure state.”
p. 97
(HEUR-STAP 2: een artikel gevonden via JSTOR)


Commentaar:


Robert A. Nisbet stelt in deze publicatie de vraag of Rousseau mee de verantwoordelijkheid draagt voor de conceptuele popularisering van de totale Staat. Niet de idee zelf van een zuivere democratie, maar de drastische sociale gevolgen van deze theorie indiceren haar status als antecedent van de totalitaire ideologie. Rousseau’s radicale individualisme kwam voort uit een haat tegenover elke soort van maatschappij. Zijn ideaal van individuele vrijheid impliceert echter geen immuniteit voor controle van de staat, wel voor maatschappelijke onderdrukking. De natuurlijke toestand van de mens is er een van isolatie: elke maatschappelijke binding die hem uit dit isolement verwijdert degenereert het individu. De staat emancipeert het individu en is noodzakelijk om de mens te vrijwaren van de verplichtingen t.o.v. de tirannieke maatschappij. De gedachte dat de staat het individu enkel van zichzelf afhankelijk maakt en het individu tegen zichzelf beschermt, maakt van de staat de essentie van het potentiële zijn van de mens. Dit verleent de staat absolute heerschappij, aangezien het de individualiteit van de mens garandeert.
Conceptueel gezien is dit een geldige veronderstelling. Het is mij echter niet duidelijk of Rousseau het individu wilde afsnijden van de maatschappij, zoals de massamens in het totalitarisme wordt afgesneden van de dialoog. De massamens heeft geen maatschappelijke waarde, maar is zeker niet vrij van restricties en onderdrukking.